Rustbusters door de eeuwen heen

Van de geschiedenis van de oorsponkelijke Rustbusters is weinig bekend. Toch bestonden er al in het Engeland van de vroege middeleeuwen groepen van voornamelijk (edel-) mannen die het goed zat waren dat hun harnassen, speren, kuisheidsgordels en andere metalen objecten voor dagelijks gebruik roestten dat het een lieve lust was. Je kunt je voorstellen wat daarvan de gevolgen waren. Op het ene moment zat je perfect gekleed in je harnas, het volgende moment stond je letterlijk in je onderbroek. Alle scharnierpunten totaal verrot! Gebeurde dat in het heetst van de strijd dan was je als ridder wel mooi de pineut. De gevolgen waren meestal dan ook catastrofaal.

Vanaf het eerste begin hebben de oorspronkelijke Rustbusters zich in het geheim georganiseerd. Ze werden vervolgd en verketterd omdat volgens de officiele leer van Rome vergankelijkheid een natuurlijk proces is dat niet bestreden mag worden. Zoals wellicht bekend werden rond de zestiende eeuw heel wat Rustbusters het slachtoffer van de medogenloze Spaanse Inquisite. Een van de bekendste Rustbusters uit die tijd was uiteraard Lord Blackadder hoewel het nooit helemaal duidelijk is geworden of hij wel begreep waar het over ging.

De toenmalige techniek liet hen uiteraard hopeloos in de steek. RVS moest nog worden uitgevonden en ook de laktechnieken waren nog zodanig primitief dat van een effectieve roestwerende werking geen sprake kon zijn. Ga maar na, na elk gevecht zat zo'n harnas bijvoorbeeld weer onder de krassen. Werden die niet op tijd weggewerkt dan was het al weer snel aan vervanging toe. Ook voor een toenmalige heer van stand een hele uitgaaf (maatwerk!). Men bleef dus aan het oplappen. Een weinig gedocumenteerd feit is ook dat de ondergang van de Armada deels te wijten was aan roestige spijkers onder de waterlijn. De schepen vielen bij de eerste de beste zware storm in de Golf van Biscaje gewoon vanzelf uit elkaar. Menig schip verging met man en muis. Zonder GSM konden ze ook niet aan de achterban laten weten wat er gebeurd was. Van enige kwalitatieve verbetering in de scheepsbouw was vooralsnog dan ook geen sprake. Zo is het bijvoorbeeld ook erg goed dat Rembrand zijn schilderijen op linnen maakte en niet op blik anders was de Nachtwacht wellicht de Roestwacht geworden. Voor het ontwerp van het dak van de 2CV heeft André Citroën overigens voor dezelfde techniek gekozen.

Feitelijk is het industrieel  'Rustbusten' pas in de jaren zeventig van de 20e eeuw tot volle wasdom gekomen. Dat is ook goed te merken aan bijvoorbeeld auto's. Pas nadat de verzinkte carrosserie gemeen goed werd kon de levensduur van een auto op acceptabele waarden worden gebracht. Voor het grote publiek dreigt het echte handwerk van het Rustbusten dan ook verloren te gaan. Waar eind jaren zestig menig bezitter van een Opel Kadett al na een jaar of drie met plamuur en verf in de weer moest om zijn kostbare bezit toonbaar te houden daar is dat heden ten dage nauwelijks nog nodig. Het is dan wederom een klein en select gezelschap dat zich nog met volle overgave op het Rustbusten van meest oudere automobielen stort.

Deze website is dan ook een stil eerbetoon aan deze volhouders. In de anoniemiteit van het internet houden zij onderling contact via 'list-servers'. Ook nu weet de politiek niet goed wat ze met deze bijna sectarische groep aan moet. Enerzijds worden ze vrijgesteld van belasting, anderzijds is het allerminst zeker dat hun zo gekoesterde bezit in de toekomst nog onbelemmerd aan het verkeer kan deelnemen. Is er straks nog wel benzine? Of zal dat alleen nog illegaal op de zwarte markt verkrijgbaar zijn? Daar kan dan ook maar een ding helpen. De Rustbusters van tegenwoordig organiseren zich in (vele) clubverbanden en houden bijvoorbeeld via de Fehac voortdurend de vinger aan de politieke pols. Onderwijl gaat de strijd met het roestspook onverminderd door. Alleen dan heeft de Rustbuster nog enige kans van overleven. Het zou jammer zijn als zij gelijk de Zuid Nederlandse korenwolf tot een onherroeplijk uitsterven is gedoemd.

© 2001

www.rustbuster.nl