|
Taxatiewaarde en aan- of verkoopprijs
In de praktijk zullen de
taxatiewaarde en de aankoop- of verkoopprijs nogal eens uiteen
lopen. Hoe kan dat? De taxateur zal t.b.v. de verzekering een
waarde bepalen die u uitgekeerd krijgt bij het totaalverlies van
de auto. Voor 'gewone' auto's is dat niet zo moeilijk. Voor het
uitgekeerde bedrag moet u in principe een auto van het zelfde
merk en type terug kunnen kopen. Bij klassiekers ligt dat wat
moeilijker. Zelfs als we afzien van de sentimentele waarde van
de auto is het nog maar de vraag of het überhaupt mogelijk is
een zelfde auto terug te kopen. Veel auto's zijn inmiddels
dusdanig zeldzaam dat ze heel moeilijk te
vinden zullen zijn. Maar dat betekent niet dat deze auto
onmiddellijk heel veel geld waard is. In zulke gevallen zal de
waarde moeten worden bepaald op een bedrag waarvoor een
vervangende auto kan worden gekocht die in grote lijnen
gelijkwaardig is zonder daarmee identiek te zijn.
Een
voorbeeld: ik bezit een VW-bus uit 1969 die
tamelijk uniek is (de dealer van destijds
heette zelfs UNIEK N.V.). Het is een originele (niet
gerestaureerde) Nederlandse auto in de meest luxe uitvoering
van. Daar zijn er destijds sowieso al niet veel van verkocht en
de meesten zijn inmiddels gesloopt of 'vercamperd'. Mocht deze
auto verloren gaan dan zal het vrijwel onmogelijk zijn om zo'n
zelfde auto weer te vinden. Maar wellicht kan er een andere
wagen worden gevonden die vergelijkbaar is. Mogelijk is het dan
een ingevoerde auto, een iets jongere (of oudere) of een wel
gerestaureerde auto. Niet hetzelfde dus, maar wel min of meer
gelijkwaardig. De uitkering van de verzekering moet dus
voldoende zijn om zo'n auto te kunnen kopen. De aanschafprijs
van zo'n auto zal dus richtlijn zijn voor de taxatiewaarde. Dan
kunnen er nog bijkomende kosten zijn. Bijvoorbeeld de kosten om
zo'n auto uit het buitenland te halen. Die kosten moeten ook
gedekt worden. Het verzekerd bedrag moet
daarom vaak hoger zijn dan de 'kale prijs' van de auto. We
kunnen die kosten echter niet onbeperkt hoog maken want
uiteindelijk betalen we premie over het totale verzekerde
bedrag.
Maar nu het geval dat u de
auto zou willen verkopen. De prijs die u er dan voor krijgt zal
meestal lager zijn dan de taxatiewaarde. Een en ander hangt af
van een aantal factoren af. Onder meer uw eigen handelaarsgeest,
de zeldzaamheid van de auto maar ook het potentieel aantal
kopers. Zo zou ik bijvoorbeeld een heel zeldzame Lada kunnen
bezitten maar de kans dat ik daar een koper voor vind is miniem.
En bij weinig vraag gaat de prijs omlaag. Maar een minder
zeldzame auto kan veel opbrengen als er een groot aantal
potentiële kopers is. Zo is een kever-cabriolet bijvoorbeeld
niet echt zeldzaam maar ze zijn altijd relatief duur omdat ze
erg geliefd zijn. Ook het seizoen speelt mee. Een voorbeeld:
kampeerauto's brengen in mei aanzienlijk meer op dan in
september! Het verschil kan wel tot 25% oplopen.
Een heikel punt zijn meestal
de restauratiekosten. In de praktijk zijn deze kosten vrijwel
altijd hoger dan de waardevermeerdering van de auto. U koopt
bijvoorbeeld een slechte auto voor 2000 euro en knapt er voor
10.000 euro aan op. Mocht u daarna de auto willen verkopen dan
is de kans dat u er 12.000 euro voor terug kunt krijgen
bijzonder klein. Veelal zult u genoegen moeten nemen met pakweg
een 8.000 euro. Restaureren om er aan te verdienen is voor
weinigen weggelegd. U moet het doen omdat het een hobby is en u
een bepaald resultaat na streeft en niet voor het geld. Dan nog
zult u zich moeten afvragen of u die investering wilt
doen. Het restaureren van een Lada zal bijvoorbeeld niet veel
minder kosten dan het restaureren van een VW-kever. En die
laatste zult u zeker beter kunnen verkopen. Maar
ja, als u uw hart verpand heeft aan
een Lada ..... Het
is uiteindelijk uw eigen portemonnee! |